Minister Schouten maakte mei 2020 een wetsvoorstel over fosfaatrechten bekend, dat onschuldig leek en weinig leek te wijzigen (Wetsvoorstel begrip melkvee, vrijstelling jongvee en afromingsvrije lease). Het kreeg weinig aandacht in de vakbladen, maar volgens mij heeft de voorgestelde wijziging vervelende praktische gevolgen. Lees hieronder meer. Direct al een vraag? Neem gerust vrijblijvend contact op via 06 340 93 944 of [email protected]. Het eerste telefonische gesprek is gratis.

Wetsvoorstel begrip melkvee, vrijstelling jongvee en afromingsvrije lease

Het wetsvoorstel probeert een aantal weeffouten in het fosfaatrechtenstelsel te herstellen. Zo probeert de minister de definitie van ‘melkvee’ duidelijker te maken, zodat een veehouder beter weet voor welk vee fosfaatrechten nodig zijn. De fosfaatregels zijn niet duidelijk en de rechter tikte de minister eerder op de vingers over het intrekken van fosfaatrechten bij onder meer vleesveehouders. Volgens de rechter heb je nu ook fosfaatrechten nodig voor bijvoorbeeld vrouwelijk jongvee voor de vleesveehouderij. Het doel dat je op enig moment met het vee hebt, is nu bepalend voor de vraag of je er fosfaatrechten voor nodig hebt. Door de nieuwe definitie in het wetsvoorstel wordt dit aangepast. Niet alleen het doel, maar ook de eindbestemming wordt dan bepalend.

Praktisch erg onhandig

Deze voorgestelde wijziging heeft voor de praktijk vervelende gevolgen. Denk aan het volgende voorbeeld. Een zoogkoeienhouder houdt een vrouwelijk rund vanaf de geboorte als vleeskalf. Anders gezegd, het vaarskalf wordt afgemest met als doel om op enig moment volgroeid naar de slacht te worden afgevoerd. Na drie maanden verkoopt de zoogkoeienhouder het kalf en de koper besluit het kalf toch op te fokken tot zoogkoe, waarna het rund op den duur zelf ook afkalft. Beide veehouders doen niet mee aan de vrijstellingsregeling. Volgens de huidige rechtspraak geldt dat voor de eerste drie maanden dit rund niet onder het begrip ‘melkvee’ valt (en de eerste boer daarvoor dus geen fosfaatrechten nodig heeft), maar na deze drie maanden wel. Volgens de nieuwe definitie in het wetsvoorstel zijn er vanaf de geboorte van dit rund al fosfaatrechten voor nodig, omdat het rund zelf uiteindelijk een kalf krijgt.

Oplossing is goed contract met kettingbeding

Ik ben bang dat dit leidt tot onwerkbare situaties voor veehouders en handelaren. Je zou iedere keer een contract moeten ondertekenen met een kettingbeding, om te voorkomen dat het verkochte rund uiteindelijk onbedoeld een kalf krijgt en er met terugwerkende kracht fosfaatrechten voor nodig zijn. Doe je dat niet, dan heb je geen enkele garantie dat je niet alsnog fosfaatrechten nodig hebt voor het verkochte rund. Achteraf zou zo kunnen komen vast te staan dat je te weinig fosfaatrechten had, met alle gevolgen van dien.

Internetconsultatie

Ik heb via de internetconsultatie aan de bel getrokken om te voorkomen dat dit zo wordt ingevoerd. Hopelijk wordt het rechtgezet, voordat het wetsvoorstel wordt aangenomen.

Advocaat fosfaatrechten

Krijg je controle? Het is belangrijk dat je je in een zo vroeg mogelijk stadium laat bijstaan door iemand die verstand heeft van deze ingewikkelde regelgeving én veel ervaring heeft met controles door de NVWA. Het liefst nog voordat de NVWA langskomt.

Ik heb als advocaat al vele boeren bijgestaan in zaken over fosfaatrechten en andere (dier)productierechten. Vragen of benieuwd wat ik voor je kan betekenen? Neem gerust vrijblijvend contact op via 06 340 93 944 of [email protected] Het eerste telefoongesprek is gratis!

De agrarische sector gaat mij aan het hart. Nieuwsgierig naar mijn achtergrond in de mooie sector en wat ik doe voor agrarisch ondernemers? Lees hier meer.